18 maart 2011:
1. Een effectieve speler van ploeg A wordt in de neutrale zone verzorgd.
Plots werpt hij een steen op een aanvaller van de tegenpartij B die zich in het strafschopgebied van ploeg A bevindt. De ref legt onmiddellijk
het spel stil en sluit de speler van ploeg A uit. Hoe laat hij het spel hernemen ?
A IVS voor ploeg B op de plaats van het slachtoffer
B Strafschop voor ploeg B
C IVS op de plaats waar de bal was bij spelonderbreking
D Scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was bij spelonderbreking
2. Een doelschop wordt genomen. Een verdediger begaat een duwfout op een tegenstrever die het strafschopgebied betreedt vooraleer de bal in het spel is. Wat beslist R op technisch vlak?
A Strafschop voor de tegenstrevers
B DVS voor de tegenstrevers net buiten het strafschopgebied
C Doelschop hernemen
3. Kan de bal bij hoekschop in het spel zijn zonder de kwartcirkel te hebben verlaten ?
A Ja
B Neen
4. Een effectieve verdediger die buiten zijn eigen strafschopgebied staat, werpt met een voorwerp (steen of modder) naar de bal, het voorwerp raakt de bal, die op dat moment in het strafschopgebied van de werper is, daardoor rolt de bal naast het doel en achter de doellijn buiten.
Wat beslist de scheidsrechter?
A Hernemen met hoekschop + een rode kaart
B Hernemen met IVS op de plaats van de bal + een gele kaart
C Hernemen met strafschop + een rode kaart
D Hernemen met IVS op de plaats van de dader + een rode kaart
5. De doelman werpt de bal in de voeten van een medespeler die zich in zijn eigen strafschopgebied bevindt, vooraleer die speler de bal uit het strafschopgebied kan trappen, bemachtigd een aanvaller de bal en trapt deze in het doel. Welke beslissing?
A Doelschop
B Doelpunt
C Scheidsrechtersbal
18 februari 2011:
1. Terwijl de bal in het spel is, komt een wisselspeler vanuit de dug-out het speelveld
opgelopen en geeft een trap aan een verdediger van de tegenpartij. R onderbreekt
het spel. Het slachtoffer is ernstig geraakt en moet met de draagberrie afgevoerd
worden. De dader wordt uitgesloten. Hoe moet het spel hervat worden ?
A IVS op de plaats waar de bal was bij de spelonderbreking
B DVS op de plaats van de overtreding.
C IVS op de plaats waar de wisselspeler het speelveld betrad
2. Effectieve speler A10 spuwt van op het speelveld naar de verzorger van de tegenstrevers die zich in de dug-out bevindt. De scheidsrechter legt het spel stil en toont A10 de rode kaart. Hoe wordt het spel hernomen ?
A Scheidsrechtersbal op de plaats van de bal
B Directe vrijschop op de plaats waar A 10 stond
C Indirecte vrijschop op de plaats waar de bal was bij spelonderbreking
D Indirecte vrijschop op de plaats waar A 10 stond
E Directe vrijschop op de zijlijn tegen ploeg van A 10
3. Tot op welk ogenblik mag de scheidsrechter een disciplinaire maatregel treffen ?
A Tot op het ogenblik dat hij na het eindsignaal van de wedstrijd het speelveld verlaat
B Tot op het ogenblik dat hij na het eindsignaal van de wedstrijd het terrein verlaat
C Tot op het ogenblik dat hij het einde van de wedstrijd affluit
4. Terwijl de bal in het spel is, slaat de doelman, vanuit zijn doelgebied, op een effectieve tegenstrever die zich met toelating van de scheidsrechter, achter de doellijn bevindt, de scheidsrechter ziet dit en legt het spel stil. Hoe wordt het spel hernomen?
A Met strafschop voor de tegenstrevers
B Met Indirecte vrijschop, op de plaats waar de doelman stond
C Met Indirecte vrijschop op de plaats waar de bal was bij spelonderbreking
D Met scheidsrechtersbal, op de plaats waar de bal was bij spelonderbreking
5. Tijdens de strafschoppenserie, om een winnaar aan te duiden, valt een ploeg op minder
minder dan 7 spelers (door kwetsuren of uitsluitingen). Moet de strafschoppenserie
gestopt worden?
A Neen
B Ja
17 december 2010:
1. Een wisselspeler die niet aan het spel deelneemt, komt op het speelveld en slaat een tegenstrever op brutale wijze. Hoe moet de scheidsrechter reageren?
A. Hij legt het spel onmiddellijk stil, toont de wisselspeler de rode kaart en herneemt
met rechtstreekse vrijschop voor de tegenstrevers op de plaats van de fout.
B. Hij legt het spel onmiddellijk stil, toont de wisselspeler een rode kaart en herneemt
met rechtstreekse vrijschop op de plaats waar de bal was bij spelonderbreking
C. Hij legt het spel onmiddellijk stil, toont de wisselspeler de rode kaart en herneemt
met onrechtstreekse vrijschop op de plaats waar de bal was bij spelonderbreking
2. Bij een vrijschop in eigen strafschopgebied, trapt de speler de bal in dit gebied, tegen een
medespeler en de bal verdwijnt in eigen doel. Wat beslist de scheidsrechter?
A. Hij keurt het doelpunt goed, en herneemt met aftrap
B. Hij keurt het doelpunt af, en herneemt de vrijschop
C. Hij keurt het doelpunt af, en herneemt met hoekschop
3. Een aanvaller omspeelt de doelman en trapt de bal in de richting van het open doel,
de doelverdediger werpt met zijn schoen of een ander voorwerp naar de bal, raakt deze
waardoor de bal naast het doel en over de doellijn verdwijnt. Wat beslist de scheidsrechter?
A Hernemen met strafschop + rode kaart
B Hernemen met Hoekschop + gele kaart
C Hernemen met IVS + gele kaart
D Hernemen met IVS + rode kaart
4. De strafschopnemer trapt de bal achterwaarts naar een medemaat, die reglementair stond opgesteld, deze laatste trapt de bal rechtstreek in het doel. Wat beslist de scheidsrechter ?
A Strafschop hernemen
B Doelpunt
C Onrechtstreekse vrijschop voor tegenstrevers
5. De doelman werpt de bal in de voeten van een medespeler die zich in zijn eigen strafschopgebied bevindt, vooraleer die speler de bal uit het strafschopgebied kan trappen, bemachtigd een aanvaller de bal en trapt deze in het doel. Welke beslissing?
A Doelschop
B Doelpunt
C Scheidsrechtersbal
19 november 2010:
1. Effectieve speler A10 spuwt van op het speelveld naar de verzorger van de tegenstrevers
die zich in de dug-out bevindt. De scheidsrechter legt het spel stil en toont A10 de rode kaart. Hoe wordt het spel hernomen ?
A Indirecte vrijschop op de plaats van de bal
B Rechtstreekse vrijschop op de plaats waar A 10 stond
C Scheidsrechtersbal op de plaats waar A 10 stond
D Indirecte vrijschop op de plaats waar A 10 stond
E Rechtstreekse vrijschop op de zijlijn tegen ploeg van A 10
2. De aanvallende ploeg neemt een inworp, de bal gaat in de richting van het doel van de tegenstrevers, deze doelman mist de bal, en een verdediger slaat de bal van voor het doelvlak
over het doel. Wat beslist de scheidsrechter ?
A. De scheidsrechter kent een strafschop toe, en de verdediger wordt uitgesloten
B. De scheidsrechter kent een strafschop toe, en de verdediger krijgt een gele kaart
C. De scheidsrechter kent een strafschop toe, en de verdediger krijgt een verbale opmerking
3. Bij strafschop, komt een medespeler van de strafschopnemer te vroeg binnen, de bal gaat naast het doel over de doellijn buiten. Wat beslist de scheidsrechter ?
A Hernemen met doelschop
B Strafschop hernemen
C IVS voor de tegenstrevers op de plaats van de overtreding
D Scheidsrechtersbal
4. Bij een reglementair genomen inworp werpt een verdediger de bal rechtstreek naar zijn doelverdediger,deze raakt de bal met de hand,maar houdt hem niet onder controle, de bal gaat naast het doel buiten. Wat moet de scheidsrechter beslissen ?
A De inworp laten hernemen
B Hoekschop
C Indirecte vrije schop op de plaats waar de doelman de bal raakte
5. Een effectieve speler, die op het wedstrijdblad vermeld staat, heeft zijn identiteitskaart niet bij.
Mag de scheidsrechter deze speler weigeren om aan de wedstrijd deel te nemen?
A JA
B NEEN
17 september 2010: